Ergens in het afgelopen jaar viel een jubileum: ik ben nu tien jaar lid van de Christelijk Gereformeerde Kerk. Eerst zes jaar in een grote, redelijk traditionele kerk in Groningen. Een fijne kerk, met doorwrochte gereformeerde driepunts-preken, waar ik veel geleerd heb over wie God is, en me goed thuisvoelde. En nu alweer ruim vier jaar bij een nieuwe, evangelisch-aandoende kleine gemeente. Een warme, chaotische kerk waarin mensen van allerlei nationaliteiten, met allerlei levensverhalen, samenkomen om God te eren. We zingen er prachtige Opwekkingsliederen met uitstekende muzikale begeleiding. We zien levens veranderen en mensen tot geloof komen.
Maar toen ik laatst bij mijn moeder naar de kerk ging, voelde ik toch wel wat nostalgie, wat heimwee van de kerk van mijn jeugd. Zo af en toe mis ik de gezongen Apostolische Geloofsbelijdenis, het ‘klein gloria’, de liederen die ik van jongsaf ken. De liederen die troost boden op de begrafenissen van mijn grootouders en vader. Soms mis ik de rust en de kleinschaligheid.
Ik ben dankbaar voor de ervaringen van afgelopen tien jaar. En ik ben dankbaar voor de kerk van mijn jeugd.

Plaats een reactie
Feed met reacties voor dit artikel